
LAR: de bezwaarschriftprocedureEen bezwaarschrift kan worden ingediend tegen een beschikking. Een beschikking is een op rechtsgevolg gericht schriftelijk besluit van een bestuursorgaan. Een bestuursorgaan kan zijn een minister, of enige andere natuurlijke of rechtspersoon of college die met een openbare taak is belast. Wanneer een burger een verzoek indient bij een minister om een vergunning te krijgen, en dit verzoek wordt afgewezen, kan de aanvrager tegen die afwijzende beschikking een bezwaarschrift indienen. Het bezwaarschrift dient te worden ingediend bij hetzelfde bestuursorgaan die de beschikking heeft gegeven. Daarin dient de aanvrager gemotiveerd aan te geven waarom hij het niet eens is met de afwijzende beschikking en wordt het bestuursorgaan gevraagd om zijn afwijzende beschikking te heroverwegen en om alsnog een positieve beslissing te nemen. De burger kan er soms ook belang bij hebben om tegen een positieve beschikking in bezwaar te gaan. Dit kan het geval zijn als de aanvrager wel blij is met de positieve beschikking, c.q. de vergunning, maar de aanvrager het niet eens is met de aan de vergunning verbonden voorwaarden. Te denken valt aan bijvoorbeeld een vergunning met een zeer korte looptijd of andere minder gunstige voorwaarden. De burger dient een bezwaarschrift in te dienen binnen 6 weken na de datum van de beschikking. Als het bezwaarschrift wordt ingediend na het verstrijken van genoemde termijn, kan de indiener zijn rechten verwerken. Dit wordt ook “niet-ontvankelijkheid” genaamd. Maar indien de belanghebbende kan bewijzen dat hij het bezwaarschrift heeft ingediend na de termijn, doch zo spoedig mogelijk als dat van hem verlangd kon worden, kan zijn niet-ontvankelijkheid worden gepasseerd. Een voorbeeld hiervan is de ontvangst van een beschikking per post dicht tegen het einde van de bezwaartermijn, en de indiening van het bezwaar zo spoedig mogelijk na ontvangst. De burger kan ook een bezwaarschrift indienen, na het verstrijken van 12 weken na indiening van het oorspronkelijk verzoek, en het bestuursorgaan in die periode (nog steeds) geen beschikking heeft gegeven. In zo’n geval is er sprake van een fictieve weigering. De wet stelt een fictieve weigering gelijk met een afwijzende beschikking. De aanvrager kan in zo’n geval binnen acht weken na het begin van de termijn van de fictieve weigering (dus totaal binnen 20 weken na indiening aanvraag) alsnog een bezwaarschrift indienen tegen deze fictieve weigering. Het bestuursorgaan dient binnen 2 weken na ontvangst van het bezwaarschrift, deze door te zenden naar de Bezwaaradviescommissie. De Bezwaaradviescommissie is een orgaan dat krachtens de LAR-wet is ingesteld. Zij bestaat uit een aantal leden, die geen deel uitmaken van het bestuursorgaan en een onafhankelijk advies (kunnen) geven op de ingediende bezwaarschriften. Zodra de Bezwaaradviescommissie het bezwaarschrift heeft ontvangen, wordt de indiener daarvan in kennis gesteld. Hierna wordt - indien noodzakelijk - een hoorzitting gepland. Tijdens de hoorzitting krijgen de indiener en het bestuursorgaan de kans om hun respectievelijke standpunten nader toe te lichten. De leden van de Bezwaaradviescommissie hebben ook de mogelijkheid om vragen aan partijen te stellen. De hoorzitting volgt niet de formele regels die wel van toepassing zijn in zaken bij de rechter. Nadat de Bezwaaradviescommissie het standpunt van partijen heeft gehoord, zal deze zich over de standpunten, de wettelijke voorschriften en het beleid van het bestuursorgaan buigen en een advies uitbrengen aan het bestuursorgaan. Het advies kan inhouden gegrondverklaring van het bezwaarschrift en het bestuursorgaan in overweging geven om een nieuwe beschikking te geven, met inachtneming van de beoordeling van de commissie. Of het advies kan inhouden ongegrond verklaring van het bezwaarschrift en instandhouding van de beschikking. De commissie kan ook adviseren om het bezwaar niet-ontvankelijk te verklaren omdat het bezwaarschrift te laat is ingediend, of omdat de indiener niet voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij belang heeft bij het bezwaar. De Bezwaarcommissie brengt schriftelijk advies uit. Dit wordt in eerste instantie alleen aan het bestuursorgaan verzonden. De indiener krijgt alleen bericht dat het advies is uitgebracht en de datum waarop. Het bestuursorgaan is gehouden om binnen 6 weken na de datum van het advies een nieuwe beschikking te geven. Zoals reeds vermeld kan de nieuwe beschikking inhouden dat de vergunning alsnog wordt verleend, dan wel dat de afwijzende beschikking in stand blijft. Het bestuursorgaan is niet verplicht het advies van de commissie te volgen. Als hij dat niet doet, is hij verplicht te motiveren waarom hij van het advies is afgeweken. Als het bestuursorgaan de nieuwe beschikking neemt, wordt een afschrift van het advies van de Bezwaaradviescommissie gegeven. De aanvrager krijgt dan de inhoud van het advies te weten. De bezwaarschriftprocedure geeft de burger een mogelijkheid om op te komen tegen beslissingen van de overheid. De termijnen die de wet aangeeft kunnen bepalend zijn voor het resultaat. U dient deze goed te bewaken en tijdig de juiste stappen te ondernemen. U kunt zich in deze altijd doen bijstaan door een adviseur op het gebied. Indien de indiener van het bezwaarschrift het niet eens is met de nieuwe beschikking, zij het op formele of materiële gronden, of als er 12 weken zijn verstreken na indiening van het bezwaarschrift, kan hij de stap naar de rechter maken. Daarvoor moet hij een beroepschrift indienen bij het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba. Over deze beroepschriftprocedure meer in een volgende bijdrage. Mr. M.G.A. Baiz milko@gobiklaw.com
|